BTW bij invoer is de omzetbelasting die verschuldigd is wanneer goederen in het vrije verkeer worden gebracht in Nederland. Het tarief is 21% (of 9%) over de douanewaarde vermeerderd met invoerrechten.
Standaard 21% btw over douanewaarde plus invoerrechten en bijkomende kosten
Verlaagd tarief van 9% voor specifieke goederen (voedingsmiddelen, boeken)
Kan worden verlegd via artikel 23-vergunning (geen voorfinanciering nodig)
Maatstaf van heffing: douanewaarde + invoerrechten + accijnzen + bijkomende kosten
Buitenlandse bedrijven kunnen een fiscaal vertegenwoordiger inschakelen
BTW bij invoer (ook wel import-btw genoemd) is de omzetbelasting die wordt geheven wanneer goederen van buiten de EU in het vrije verkeer worden gebracht in Nederland. De maatstaf van heffing is de douanewaarde van de goederen, vermeerderd met de verschuldigde invoerrechten, accijnzen en andere heffingen, plus bijkomende kosten zoals vervoers- en verzekeringskosten tot de eerste bestemming in Nederland. Het standaard btw-tarief bedraagt 21%; voor bepaalde goederen zoals voedingsmiddelen en boeken geldt het verlaagde tarief van 9%.
Een belangrijk voordeel van import via Nederland is de mogelijkheid om de btw bij invoer te verleggen via een vergunning op grond van artikel 23 van de Wet op de Omzetbelasting 1968. Met deze vergunning wordt de import-btw niet direct bij de douaneaangifte betaald, maar verlegd naar de periodieke btw-aangifte. De btw wordt tegelijkertijd als verschuldigde belasting en als aftrekbare voorbelasting opgevoerd, waardoor het netto-effect nihil is en er geen voorfinanciering nodig is. Dit maakt Nederland een aantrekkelijke invoerhaven voor internationale handel.
Zonder artikel 23-vergunning moet de btw bij invoer direct worden betaald bij het indienen van de douaneaangifte, wat een aanzienlijke cashflowbelasting kan vormen. Bedrijven die niet in Nederland zijn gevestigd maar wel via Nederland importeren, kunnen een fiscaal vertegenwoordiger aanstellen die over een artikel 23-vergunning beschikt. De btw-schuld wordt dan via de fiscaal vertegenwoordiger verlegd.
Een Duits bedrijf importeert machines uit Japan via de haven van Rotterdam met een douanewaarde van EUR 500.000 en invoerrechten van EUR 10.000. De btw-grondslag is EUR 510.000. Zonder artikel 23-vergunning zou het bedrijf EUR 107.100 (21%) aan btw moeten voorschieten bij de douaneaangifte. Door een Nederlandse fiscaal vertegenwoordiger in te schakelen die over een artikel 23-vergunning beschikt, wordt de btw verlegd naar de btw-aangifte. Het netto cashflow-effect is EUR 0, wat een besparing op financieringskosten oplevert van circa EUR 1.500 per maand.
De artikel 23-vergunning stelt u in staat om de btw bij invoer te verleggen naar uw periodieke btw-aangifte. U betaalt de btw niet bij de douaneaangifte, maar vermeldt het bedrag in uw btw-aangifte als verschuldigd en gelijktijdig als aftrekbare voorbelasting. Het netto-effect is nihil.
Ja, buitenlandse bedrijven die niet in Nederland zijn gevestigd kunnen een fiscaal vertegenwoordiger aanstellen die over een artikel 23-vergunning beschikt. De btw wordt dan via de fiscaal vertegenwoordiger verlegd.
De btw wordt berekend over de douanewaarde, vermeerderd met de verschuldigde invoerrechten, accijnzen, en bijkomende kosten (vervoer, verzekering) tot de eerste bestemming in Nederland.
Ontdek meer over gerelateerde douanetermen
CustomsLens automatiseert uw douaneprocessen met AI. Van documentherkenning tot aangifte, wij maken het eenvoudig.